Home » Blogs Martien Jan de Haan

Categorie: Blogs Martien Jan de Haan

Studiedag 28 mei 2016

studiedag-1

Zo zag de zaal eruit vlak voordat de Studiedag van Prepare4Joy op 28 mei 2016 begon. Beneden zaten nog wat groepjes mensen aan de koffie. Boven namen de eerste deelnemers hun plaats in en keken uit naar wat ging komen. De dag stond in het teken van het nieuwe LIFE-Model boek: Vreugde begint! Helaas was het boek op de dag zelf niet beschikbaar: de pallet stond nog in een loods aan de Poolse grens. Dit was uiteraard erg teleurstellend, want we hadden graag gezien dat alle deelnemers aan het einde van de  dag met het boek naar huis waren gegaan, vol enthousiasme om een Vreugde-begintgroep te starten.

studiedag-2

Er waren vijf lezingen gepland en deze gingen gelukkig wel allemaal door. Voorzitter Johan Konstapel mocht het spits afbijten. Hij behandelde het LIFE-Model als ideaal model en besteedde aandacht aan diverse relationele vaardigheden. Coördinator Martien Jan de Haan nam het stokje van hem over en ging in op het wereldbeeld van het LIFE-Model. Zijn lezing heeft al een plekje op deze website gekregen (LIFE-Model > Wat is het LIFE-Model > Wereldbeeld). ’s Middag legde bestuurslid Inez de Haan uit hoe het komt dat vreugde besmettelijk is, vertelde André Roosma over God als de Aanwezige en sloot Gerard Feller de dag af met een inleiding over de parallellen tussen de fysieke en de geestelijke ontwikkeling van de mens. De verschillende onderdelen sloten mooi op elkaar aan en gaven een aardig overzicht van waar het LIFE-Model voor staat.

studiedag-3

Uiteraard ontbraken op deze Studiedag ook de oefeningen niet. Behalve dat zij een welkome afwisseling waren op de soms inspannende lezingen, zorgden zij ook voor verbinding tussen de deelnemers. We hebben mensen gesproken die dolgraag met het materiaal aan de slag willen gaan, maar vooralsnog weinig aanknopingspunten vinden in hun omgeving. Wij willen hier graag bij helpen door lokale initiatieven aandacht te geven op deze website. Wij zijn hiervoor te bereiken via deze website, facebook en e-mail. Onze website heeft ook een forum. Er zijn hier nog geen activiteiten, maar we zouden graag zien dat mensen elkaar hier opzoeken en hun vragen en ideeën over het LIFE-Model met elkaar delen.

Versmal het pastoraat niet!

Ingezonden artikel n.a.v. een bijdrage van Henk Stulp in het Nederlands Dagblad van 10 maart 2016.

Versmal het pastoraat niet!

In het ND van 10 maart j.l. houdt Henk Stulp een pleidooi voor het scheiden van therapie en pastoraat. “Het zijn twee soorten van praktijken, met verschillende doelstellingen, verschillende gereedschappen en verschillende waarden.” Maar is dit zo?

Doet hij het pastoraat niet te kort als hij zegt, dat dit gaat om het begeleiden van de mens in z’n zoektocht naar en omgang met God? De Amerikaanse neurotheoloog dr. E. James Wilder spreekt in dit verband over het begrip ‘geestelijke volwassenheid’ dat voor hem veel ruimer is dan alleen het geestelijke leven. Geestelijke volwassenheid verwijst volgens hem naar het proces waarin iemand zich ontwikkelt tot de mens die God in gedachten had, toen Hij hem het leven gaf. Daartoe rekent hij niet alleen de relatie met God, maar ook de relatie met anderen en het ontwikkelen van een christelijk karakter. Wat valt hier niet onder?

Betekent dit dan dat de kerk een therapeutische gemeenschap zou moeten zijn? Die kant wil dr. Wilder niet uit. Hij is de laatste die het probleem centraal wil stellen. In plaats daarvan zou de kerk een gemeenschap moeten zijn, waar mensen een transformatie ondergaan, die hen meer op Jezus doen lijken. Hij ziet ‘vreugde’ als sleutel om zo’n gemeenschap te creëren.

Op 28 mei wordt tijdens een studiedag bij het Evangelisch College in Zwijndrecht zijn nieuwe boek aangeboden: Vreugde begint! In dit boek worden eeuwenoude Bijbelse principes gecombineerd met recente neurologische ontdekkingen. Zie: prepare4joy.nl.

Martien Jan de Haan is coördinator bij stichting Prepare4Joy

Vreugde als drijvende kracht

Vreugde als drijvende kracht in ons leven is iets waaraan veel christenen moeten wennen. De calvinistische traditie heeft over het algemeen meer op met begrippen als degelijkheid en deugdelijkheid. Daarin draait het om Gods eer en niet om ons eigen verlangen naar plezier en geluk. Vreugdevol genieten roept de associatie op met ‘vleselijke begeerten die voorkomen uit de verlokkingen van de zonde.’

Toch is er een niet onbelangrijke stroming in de theologie die het LIFE-Model ondersteunt ten aanzien van de centrale positie van vreugde. In de christelijke literatuur staat vooral John Piper bekend om zijn vele geschriften over dit thema. Hij noemt zichzelf een christelijke hedonist. Daarmee bedoelt hij dat God het meest wordt geëerd als wij onze diepste voldoening vinden in Hem. In de eerste plaats geeft hij daarmee aan dat het vreugdevol genieten inderdaad het centrum van ons bestaan moet zijn. Alles draait om positieve emoties, genot en vreugde. In de tweede plaats verbindt hij deze emoties met God. Het gaat er om dat wij onze vreugde in Hem vinden. Hoe moeten wij dit verstaan?

In het eerste hoofdstuk van zijn boek Verlangen naar God legt Piper uit dat God Zelf zijn diepste drijfveer heeft in vreugde. Een belangrijke tekst uit zijn betoog is Psalm 115:3: “Onze God is in de hemel, Hij doet wat hem behaagt.” Deze tekst zegt niet alleen dat God datgene doet wat Hem vreugde geeft, maar ook dat deze vreugde diep is geworteld in Zijn soevereiniteit. Er is niets, maar dan ook niets wat Zijn plannen kan belemmeren, ook het kwade niet. Zijn handelen is niet beperkt door de goede werken van de mens of de mooie kant van de natuur. Ook zonde en pijn hebben daarin hun plaats. Omdat God geen zonde kent, kan dit bij Hem alleen maar tot vreugde leiden als Hij haar beziet vanuit het perspectief van Zijn verlossingsplan dat bezig is zich te ontvouwen en in alle opzichten goed is. Vanuit deze invalshoek bezien, heeft het kwaad de functie om het goede te versterken en draagt het — hoe lelijk het op zichzelf ook is — uiteindelijk bij aan Zijn heerlijkheid. Dit betekent dat Gods vreugde wordt gevoed door de wetenschap dat Zijn heerlijkheid uiteindelijk alle kwaad zal uitbannen.

Als dit zo is, dan heeft het LIFE-Model met de beschrijving van vreugde als diepste drijfveer van het menselijk handelen een aspect te pakken waarin de mens zich volop beelddrager van zijn Schepper betoont. In Matteüs 13:44 vertelt Jezus ons waar het uiteindelijk op aan komt: “Het is met het koninkrijk van de hemel als met een schat die verborgen lag in een akker. Iemand vond hem en verborg hem opnieuw, en in zijn vreugde besloot hij alles te verkopen wat hij had en die akker te kopen.” Dit is de vreugde waarom het gaat: de vreugde die ons vervult wanneer wij de heerlijkheid van het Koninkrijk ontdekken, en al het andere doet verbleken. Met het binnengaan in Zijn Koninkrijk komen wij in aanraking met Zijn heerlijkheid en beseffen we dat deze ons voorziet in alles wat we nodig hebben. Dit is wat Piper bedoelt met zijn oproep dat wij onze vreugde moeten vinden in Hem. De vreugde waarover het LIFE-Model spreekt, is een afgeleide van en een heenwijzing naar deze diepere vorm van vreugde en heeft — als het goed is — hier zijn wortels.

Naar de Bijbelklas

Vanavond heb ik Sander van veertien naar de Bijbelklas gebracht. Dit is een wekelijkse bijeenkomst in onze kerk, waar tieners de grondbeginselen van het christelijk geloof meekrijgen. Centraal staan de Bijbelse geschiedenis en de hoofdthema’s van het christelijk geloof. In andere kerken duidt men deze activiteit vaak aan met het woord ‘catechisatie’. Maar doordat onze kerk geen catechismus kent en bewust de Bijbel centraal stelt, noemen wij deze lessen: ‘Bijbelklassen’.

Ik ben een groot voorstander van dit onderwijs. Veel kinderen krijgen deze informatie in het reguliere onderwijs niet meer mee. Zij kennen de Bijbelse geschiedenis niet en hebben al helemaal geen idee van Bijbelse ethiek. Wanneer zij volwassen worden en blijven geloven (wat in deze tijd al heel bijzonder is), is hun geloof vaak gebaseerd op een vaag gevoel, dat niet verder gaat dan: “God is liefde” en “Jezus is mijn vriend”. Door middel van Bijbelklassen probeert men een steviger fundament te leggen.

Toch blijf ik het gevoel houden dat veel kerken met en zonder Bijbelklassen een deel van het onderwijs laten liggen. Bij ons in de kerk wordt hierover wel gesproken, maar ik kan mij niet herinneren dat dit ooit is onderwezen. Hoe werkt het? Hoe hoort het? Wat wordt er van mij verwacht? Kennelijk gaat men ervan uit dat iedereen weet wat er wordt bedoeld en dit een plek in zijn eigen leven heeft gegeven. Heeft u enig idee waarover ik het heb? Ik heb het over ‘een levende relatie met God’.

Voor de meeste mensen is dit hetzelfde als ‘bidden’. Of ‘bidden en bijbellezen’. Maar als je dan doorvraagt, dan blijkt dit ‘bidden’ vaak weinig relationeel te zijn. Bidden is dan niet meer dan praten tegen God. Bijbellezen is niet meer dan lezen over God. Veel mensen kunnen zich niet voorstellen dat God ook wel eens iets tegen hen wil zeggen. Dat hij met hen een interactie wil aangaan. Een relatie wil hebben. Maar zoiets is voor hen ondenkbaar. Dergelijke dwaasheid kom je alleen in sektes tegen.

Het leeuwendeel van het onderwijs in de kerk spreekt de linkerhersenhelft aan. Weten. Daar is niets mis mee. Maar de mens is meer. Hij heeft ook een rechterhersenhelft. Ervaren. Deze kant is onderbelicht. Kunnen wij God, waarvan wij weten dat Hij bestaat, ook ervaren? Ja, dat kan! Voor iedereen dit wil leren hoe dit in zijn werk gaat, is er nu een nieuw soort onderwijs beschikbaar. Onderwijs dat de rechterhersenhelft aanspreekt. Weinig kennisoverdracht, veel oefening. Geen weten, maar kennen.

Ik ben van mening dat iedere kerk de training Vreugde vormt aan haar leden moet aanbieden.

Zorgen wordt de nieuwe uitdaging!

Mijn vader is inmiddels vijfentachtig, maar nog steeds is hij regelmatig in de binnenstad van Dordrecht te vinden bij de kar van de Dordtse Evangelisatie. Folders uitdelen en mensen aanspreken. Soms mag hij zelfs met mensen bidden. Hij doet dit werk al tientallen jaren. Waarvoor hulde!

In de periode dat hij dit werk doet, is niet alleen de binnenstad van Dordrecht, maar heel onze samenleving ingrijpend veranderd. Geloven is meer en meer een activiteit geworden, waarmee je de ander niet lastigvalt. Geloven mag, zo lang dit maar achter de geraniums gebeurt. Of in de beslotenheid van een kerkgebouw. Alles mag, zolang we de ander maar niet niet lastigvallen.

Ook al probeert de samenleving het geloof in te perken, dit betekent nog niet dat geloven minder relevant is geworden. Integendeel, zou ik zelfs zeggen. Hoe meer mensen vervreemd raken van hun Schepper, hoe harder zij Hem nodig lijken te hebben. De samenleving verhardt en de tegenstelling tussen de sterke en de zwakke wordt steeds groter. De zorg wordt uitgehold, terwijl steeds meer mensen van die zorg afhankelijk worden.

Zou de kerk in de gaten hebben dat hier nieuwe mogelijkheden ontstaan om de blijdschap van het evangelie uit te dragen? Zou de kerk beseffen dat degenen die op straat niet meer aangesproken wensen te worden, wel open staan om geholpen te worden bij hun innerlijke nood?

Onlangs zag ik een documentaire over de Rotterdamse wijk Charlois. Hierin kwam aan de orde dat meer dan de helft van de inwoners te kennen had gegeven zich eenzaam te voelen. De rillingen liepen over mijn rug. Al deze mensen wonen zo dicht op elkaar en toch voelen zij zich eenzaam!

Ik denk dat zorgen de nieuwe uitdaging is voor de kerk. Of misschien moet ik zeggen: hernieuwde, omdat de meeste zorg in onze samenleving ooit door de kerk is geïnitieerd. Jaren geleden heeft de overheid in haar bravoure gemeend deze taak te moeten overnemen. Maar nu de last te zwaar wordt, is dit het eerste dat wordt losgelaten.

Hoe staat het met de vaardigheden van de kerk om te zorgen? Is zij hier en daar wat verleerd? Misschien kan Prepare4Joy helpen om de draad weer op te pakken.